Handhaven voelt vaak als het stuk waar de coach buiten staat. De maatregel komt van de klantmanager, de terugvordering uit het systeem, en jij hoort het achteraf van je cliënt — meestal als het al pijn doet.
Maar er is de afgelopen jaren iets verschoven in hoe de rechter naar die beslissingen kijkt, en dat verandert wat jij kunt signaleren. Niet om jurist te worden. Wel om te herkennen wanneer een besluit niet klopt, en dat onderbouwd op tafel te leggen.
De driestapstoets
Sinds een belangrijke uitspraak van de hoogste bestuursrechter in 2022 wordt een belastend besluit getoetst aan het evenredigheidsbeginsel langs drie stappen. Je kunt ze als coach gewoon nalopen:
- Geschiktheid — draagt de maatregel bij aan het doel? Een verlaging die iemand verder van werk af duwt in plaats van dichterbij, wringt al bij stap één.
- Noodzakelijkheid — is er een lichter middel dat even goed werkt? Kon een waarschuwing, een gesprek of een kortere periode hetzelfde bereiken?
- Evenwichtigheid — staan de nadelige gevolgen in redelijke verhouding tot het doel? Een terugvordering die iemands bestaanszekerheid onderuit haalt voor een relatief kleine fout, valt hier door de mand.
De intensiteit waarmee de rechter toetst, glijdt mee met hoeveel ruimte de gemeente had en hoe zwaar de belangen wegen. Hoe dieper een besluit in iemands bestaanszekerheid snijdt, hoe scherper de toets.
Niet alles is even rekbaar: gebonden versus discretionair
Hier zit een onderscheid dat je veel teleurstelling bespaart. De evenredigheidstoets bijt vooral bij beslissingen waar de gemeente ruimte heeft — de zogenoemde "kan"-bevoegdheden.
- Gebonden is bijvoorbeeld de terugvordering die volgt op een geschonden inlichtingenplicht. Daar moet de gemeente in beginsel terugvorderen; de ruimte zit niet in het óf.
- Discretionair is bijvoorbeeld het matigen van die terugvordering bij een dringende reden — sociaal of financieel onaanvaardbare gevolgen. Dáár zit de ruimte, en dáár weegt de menselijke maat het zwaarst.
Voor jou betekent dat: bij een terugvordering is de vraag zelden "moet dit wel?", maar veel vaker "kan dit gematigd, gespreid of opgeschort, gezien de omstandigheden?". Dat is een ander, vruchtbaarder gesprek.
De boodschappenzaak — en waarom die nu anders zou lopen
Je kent het verhaal misschien: iemand die structureel boodschappen van een familielid kreeg en dat niet meldde, en de bijstand terugbetaald zag worden. De kern van die uitspraak was hard: binnen het systeem van de wet waren die boodschappen géén "gift" die je mocht houden. Daarvoor was een wetswijziging nodig.
Die wijziging is er nu. De giftenvrijlating tot € 1.200 per kalenderjaar — onderdeel van de Participatiewet in Balans — regelt precies het gat dat die zaak blootlegde. Het is een mooi voorbeeld van hoe de praktijk de wet heeft bijgestuurd, en het is goed om te weten: wat toen onverbiddelijk was, is nu anders geregeld.
Wat eraan komt: evenredigheid in de wet zelf
De toets die de rechter ontwikkelde, wordt straks ook in de wet verankerd. Bij de maatregelen die per 1 januari 2027 ingaan, hoort onder meer een expliciete evenredigheidstoets bij het opleggen van boetes en terugvorderingen, plus meer ruimte om verplichtingen en maatregelen op het individu toe te spitsen. De richting van de wet en de richting van de rechtspraak komen daarmee samen.
Wat jij in het gesprek kunt doen
- Loop de drie stappen na. Geschikt? Noodzakelijk — was er een lichter middel? Evenwichtig — staat het gevolg in verhouding? Eén kraak in de keten is al een signaal.
- Weeg ernst, verwijtbaarheid en omstandigheden. De wet vraagt dat een maatregel daarop wordt afgestemd, niet alleen op de regel. Vertel wat de klantmanager níet kan zien.
- Let op stapeling. Maatregel plus terugvordering plus boete tegelijk — dat is precies waar de evenwichtigheid sneuvelt.
- Wijs op draagkracht. Bij sociaal of financieel onaanvaardbare gevolgen is matiging of spreiding van een terugvordering een reële route.
- Onderscheid wat vaststaat van wat rekbaar is. Zet je energie op de discretionaire ruimte — daar valt iets te bewegen.
Mensgericht handhaven is geen zachte variant van streng zijn. Het is preciezer zijn: de juiste maatregel, op de juiste persoon, in de juiste verhouding. Jij bent vaak degene die de verhouding kan laten zien.