Stimulansz zette de rijksbegroting voor 2027 feitelijk op een rij voor het sociaal domein: Participatiewet, armoede en schulden, proactieve dienstverlening, inburgering, Wmo en jeugdhulp. Het zijn beleidsvoornemens. De begrotingen en de wetsvoorstellen moeten nog door beide Kamers, en dit kabinet heeft daar geen eigen meerderheid.
Voor het gesprek telt het jaar bij elk onderwerp. Anders verwacht een cliënt in januari een regeling die dan nog niet geldt.
2027 is het sluitstuk van Participatiewet in balans
Een groot deel van die wet geldt al. Wat een cliënt volgend jaar het eerst gaat noemen, zijn twee instrumenten die pas in 2027 zijn voorzien.
- Het bufferbedrag. Maximaal € 1.000 per persoon per kalenderjaar, zodat iemand die naast de bijstand werkt niet bij elke inkomensschok onder de norm zakt. De gemeente kent het toe. Je cliënt vraagt het niet zelf aan. Zonder lokale beleidsregel blijft het een voornemen. De VNG werkt met Divosa aan een modelregel voor dit najaar. Die telt pas als de gemeente haar overneemt.
- Bijverdienen. De regel schuift van een vrijlating van een kwart, zes maanden lang, naar 15% van de maandinkomsten die niet wordt verrekend, tot twaalf aaneengesloten maanden, met ruimte voor de gemeente om te verlengen. De leeftijdsgrens van 27 vervalt.
Tot die beleidsregel er is, gelden de regels van dit jaar. Het bedrag volgt pas als de gemeente de regel heeft vastgesteld.
Proactieve dienstverlening
UWV, SVB en gemeenten krijgen naar verwachting vanaf begin 2027 een wettelijke grondslag om mensen die mogelijk recht hebben op een uitkering of voorziening zelf te benaderen en te helpen bij de aanvraag. De streefdatum is 1 januari 2027. Die hangt af van de parlementaire behandeling.
Bijzondere bijstand en de studietoeslag vallen daar voorlopig buiten. Voor die twee is nog geen dekking. Ze blijven op aanvraag, tot er geld is.
Wmo, inburgering en schulden
De begroting noemt meer dan de Participatiewet. Per onderwerp hoort een ander jaar.
- Wmo. Het voornemen is om het abonnementstarief te vervangen door een eigen bijdrage die afhangt van inkomen en vermogen. De beoogde datum is 1 januari 2028. In 2027 blijft het abonnementstarief zoals het is. Ook 2028 is een voornemen; de Kamer is er nog niet mee klaar.
- Inburgering. Het kabinet wil werk centraler zetten, met de ambitie dat in 2030 in totaal 75.000 extra nieuwkomers aan het werk zijn. Dat is een richting tot 2030. De koppeling tussen inburgering en werkplekken loopt via de gemeente.
- Armoede en schulden. Het Nationaal Programma Armoede en Schulden gaat door: vroegsignalering, een toegankelijkere basis, bescherming van het bestaansminimum, en voorkomen dat een eerste achterstand een probleemschuld wordt. De inzet is eerder signaleren, via de routes die er al zijn.
De Hervormingsagenda Jeugd blijft de lijn: stevige lokale teams, minder aanvullende jeugdhulp, minder uithuisplaatsingen en minder gesloten plaatsingen. Dat is een richting voor de uitvoering.
Waar het op aankomt
Het bufferbedrag en de bijverdienregeling horen bij 2027, en pas echt bij een traject zodra de gemeente de regel heeft vastgesteld. Proactief benaderen hangt aan de wet. Bijzondere bijstand en studietoeslag blijven intussen op aanvraag. Het Wmo-abonnementstarief schuift op zijn vroegst een jaar later. Een eerste achterstand op huur of energie past bij de vroegsignalering die het armoedeprogramma voortzet.
Voor de organisatie liggen er drie punten bij de beleidsmedewerker: of de beleidsregel voor het bufferbedrag dit najaar klaarligt, welk team mensen opvangt die straks proactief benaderd worden, en hoe inburgering en de werkplekken op elkaar aansluiten. 75.000 in 2030 is een landelijke ambitie. De plek ontstaat in die lokale afspraak.